Home      Magazine      Lesmateriaal      Toetsmateriaal      Vakinformatie 

Onderzoeksvragen: het formuleren van hoofd- en deelvragen

Hoe maak je goede hoofd- en deelvragen?

Albert van der Kaap, Enschede, albert@vanderkaap.org    

Onderzoeksvragen 

Het onderwerp

Er zijn twee mogelijkheden:

1. Het onderwerp is bekend, bijvoorbeeld omdat de leraar het onderwerp heeft bepaald.

2. Je moet zelf een onderwerp kiezen

In het laatste geval is het belangrijk een onderwerp te kiezen dat niet alleen je belangstelling heeft, maar dat ook onderzoekbaar is in de tijd die je tot je beschikking hebt. Daarnaast is het belangrijk na te gaan of er voldoende informatie beschikbaar is en of je op tijd over deze informatie kunt beschikken.

Maak het onderwerp van je onderzoek zo klein mogelijk. Dan krijgt je onderzoek meer diepgang. Een voorbeeld:

Koude Oorlog

Een onderzoek naar de Koude Oorlog is veel te omvangrijk. Kies liever voor een gebeurtenis uit de Koude Oorlog, bijvoorbeeld de bouw van de Berlijnse Muur. Nog beter is het slechts één aspect van de Muur te onderzoeken, bijvoorbeeld waarom de Muur werd gebouwd of hoe er een einde kwam aan de muur. Eventueel kun je het onderwerp nog kleiner maken door je te beperken tot de vraag hoe kwam er op 9 november 1989 een einde aan de Muur?

Hoofd- en deelvragen

Voor het doen van onderzoek heb je een onderzoeksvraag nodig, die helder en scherp is geformuleerd. Bovendien moet de vraag (door jou) onderzoekbaar en dus realistisch zijn.

De hoofdvraag

Er zijn verschillende soorten onderzoeksvragen:

  • beschrijvende onderzoeksvragen

  • verklarende onderzoeksvragen

  • vergelijkende onderzoeksvragen

  • evaluatieve of waarderende onderzoeksvragen

Stel het onderwerp van je onderzoek is kunstgras, dan kunnen dit de onderzoeksvragen zijn:

  • beschrijvende onderzoeksvraag: Wat is kunstgras?

  • verklarende onderzoeksvraag: Moet je op kunstgras anders trainen dan op echt gras?

  • vergelijkende onderzoeksvragen: Wat zijn verschillen en overeenkomsten tussen het spelen op kunstgras en op echt gras?

  • evaluatieve of waarderende onderzoeksvragen: Is het verstandig voor een club in het betaalde voetbal om over te stappen op het spelen op kunstgras?

Alle vier soorten onderzoeksvragen zijn in principe goed, maar je zult merken dat het formuleren van deelvragen gemakkelijker is bij de laatste drie soorten vragen. 

Lees je eerst snel in op het onderwerp

Het is handig om je onderzoek te beginnen met het lezen van een (kort) algemeen artikel op bijvoorbeeld Wikipedia. Vaak krijg je dan allerlei suggesties om het onderwerp van je je onderzoek in te perken en aan te scherpen. Kijk maar eens naar onderstaand voorbeeld:

Vulkanen

Een beschrijvende onderzoeksvraag is: Wat zijn vulkanen?

Maar als je even het artikel over vulkanen op de Wikipedia doorleest zie je dat je misschien beter kunt kiezen voor een vergelijkende vraag, bijvoorbeeld:

Wat zijn de verschillen tussen zure en basische vulkanen? of

Wat zijn de verschillen tussen schild-, kegel en stratovulkanen? 


Nog een voorbeeld

Atoombommmen

Een beschrijvende onderzoeksvraag is: Wat zijn atoombommen?

Een vraag die, historisch gezien, veel interessanter is om te onderzoeken is een verklarende vraag, bijvoorbeeld:

Waarom wierpen de Verenigde Staten op 6 en 9 augustus atoombommen op Japan? 


Tip

Denk vanaf het begin van je onderzoek ook meteen over het product van je onderzoek. Er zijn veel meer mogelijkheden dan het bekende schriftelijke verslag, bijvoorbeeld:

  • maak een folder of brochure

  • schrijf een artikel voor een krant

  • maak een website

Je zult merken dat het formuleren van hoofd- en deelvragen gemakkelijker wordt als je tegelijkertijd nadenkt over het eindproduct.

Deelvragen

Om een antwoord te kunnen geven op de hoofdvraag moet je het onderzoek bijna altijd opspiltsen in deelvragen. Het antwoord op deze deelvragen maakt een antwoord op de hoofdvraag mogelijk.

Bedenkt geen deelvragen die niet bijdragen aan het beantwoorden van de hoofdvraag.

Als voorbeeld nemen we de vergelijkende hoofdvraag: Wat zijn verschillen en overeenkomsten tussen het spelen op kunstgras en op echt gras?

Deelvragen kunnen dan zijn:

  • Hoe moet je trainen op kunstgras?

  • Hoe moet je trainen op natuurlijk gras?

  • Wat zijn de overeenkomsten?

  • Wat zijn de verschillen?

Als je de deelvragen hebt beantwoord moet je een antwoord op de hoofdvraag kunnen geven. Dit doe je in de conclusie van je onderzoek.

Een voorbeeld

Beeldenstorm

Een beschrijvende onderzoeksvraag is: Wat was de Beeldenstorm?

Deelvragen zijn dan bijvoorbeeld:

  • Wie waren de beeldenstormers?

  • Waarom deden zij mee aan de Beeldenstorm?

  • Hoe verliep de Beeldenstorm?

De opzet van je onderzoek wordt waarschijnlijk gemakkelijker en scherper als je een evaluatieve hoofdvraag gebruikt:

Was de Beeldenstorm een economisch of een godsdienstig verschijnsel?

De deelvragen zijn dan gedeeltelijk dezelfde:

  • Wie waren de beeldenstormers?

  • Waarom deden zij mee aan de Beeldenstorm?



Tip

Moet je een mondelinge pressentatie houden kijk dan eens naar de tips op deze pagina van Histoforum.

Maak je bij de presentatie van je onderzoeksresultaten gebruik van powerpoint kijk dan eens op deze pagina van Histoforum met tips voor het gebruik van powerpoint.

 

 

 Onderzoeksvragen


 Structuur van het verslag

  • Inleiding (wat ga je onderzoeken en hoe ga je dat doen?)

  • Paragraaf 1 (over deelvraag 1)

  • Paragraaf 2 (over deelvraag 2)

  • Paragraaf 3 (over deelvraag 3)

  • .....

  • Conclusie (beantwoorden van de hoofdvraag)

  • Literatuurvermelding

 Bronvermelding

Voor het beschrijven van bronnen, in noten en literatuurlijst, bestaan officile regels.

Je kunt ze vinden op deze pagina van Histoforum.

 Betrouwbaarheid van interbronnen

Het beoordelen van de betrouwbaarheid van bronnen op internet is uiteraard belangrijk, maar vaak niet zo eenvoudig.

Op deze pagina van Histoforum staat een beoordelingsformulier dat je hierbij kan helpen.

Copyright: Albert van der Kaap, 2011