Harm van der Kaap

Harm Karstens van der Kaap (verveener), zoon van Karst Jacobs van der Kaap, geboren 08-05-1798 in Tolbert en overleden op 26-08-1867 in (Drouwenermond) Borger.  Getrouwd (1) in Leek op 21 december 1822 met Elisabeth Jaspers, geboren te Terheijl op 23-12-1801, dochter van Willem Jaspers en Anna-Maria Knollenberg overleden op 19-08-1843. Uit dit huwelijk:  

Getrouwd (2) in 1831 met Aaltje Alberts Mulder, geboren op 29-07-1807 in Langeloo en overleden op 01-05-1894 in Drouwenermond. Aaltje was de dochter van Albert Jans (Mulder) en Hendrikje Jans Enting. Uit dit huwelijk:

Harm Karstens woonde in 1830 (volkstelling) in OostindiŽ 114 naast het huis van zijn vader. Ook bij de volkstelling in 1840 woonde hij daar nog. Hij was verveener/landbouwer en volgens de geboorteakte van Siena schipper. Volgens het bevolkingsregister van Leek, dat in 1851 begint, verhuisde hij vanuit wijk 16, huisnummer 36 naar de gemeente Borger. (Drouwenermond). Deze verhuizing zal waarschijnlijk in 1852 (mogelijk later in 1851) hebben plaatsgevonden omdat Tonnis in 1849 nog in Zevenhuizen is geboren en Hendrikje in 1852 in Drouwenermond. In 1852 was Harm veenbaas.

Behalve de, in 1830 reeds geboren, kinderen woonde ook Harms zus Antje in hun huis op nummer 114.  

Kijk waar Harm Karstens in 1829 woonde. Op deze plaats bezat hij huis en erg (13,60) plus nog een klein huis en erf voor Elske (0,80), een aantal kavels bouwland (42,90;30,30; 50,70 en 1,89,30) plus een kavel weideland (55,20). Zie ook memorie van successie: Kantoor Assen, 11 oktober 1867, inventarisnr. 89, opnamenr. 468, memorienr. 3/995

Harm diende ten tijde van zijn huwelijk met Aaltje Mulder als dienstplichtige bij het regiment Huzaren in Deventer en kreeg van de commandant (kolonel) van de Huzaren verlof.

Albert van der Kaap 11-09-1831 - 18-10-1913

 

Elisabeth Jaspers was de dochter van Willem Jaspers, die rond 1761 is geboren in Lienen en overleden op 13-05-1850. Hij was getrouwd met Anna Maria Knollenburg, geboren 03-04-1761 in Lingen en overleden 19-08-1843. Zij hadden in ieder geval drie dochters, Catharina (1794-30-10-1869), Berendina (1799-07-03-1866), getrouwd met Roelf Jans Linker en Elisabeth. Het gezin was afkomstig uit Stedumerbroek. Zij woonden aan de Vagevuurselaan in het hoveniershuis in Terheijl, vlak naast de havezathe Terheijl, waar Willem in 1799 hovenier werd. In 1812 ging hij zich dan ook Tuinman noemen.

huis Terheyl

Terheijl

Buurtschap in de gemeente Noordenveld (tot 1998 Roden) ten noordwesten van Roden en ten zuiden van Nietap en Leek (Gr.) tegen de provinciegrens met Groningen. Ten oosten ervan staat Huize Terheijl aan het westelijk uiteinde van de 1,5 km lange Toutenburgsingel. Tamelijk verspreide bewoning tussen de gebouwen Rome (noorden) en De Kaap (zuiden).

Bronnen vermelden: de Helle (1325), van der Helle (1327). In de plaatsnaam schuilt het element hel = laagte, poel of helling. De oude naam komt ook voor in het inkomstenregister van het klooster Aduard, o.a.: Adwerder hell to Roon; die Rode Heell; het landt van die Hell genompt (1595). Terheijl was bezit van het klooster Aduard, een zogenaamd voorwerk of uithof. Hieraan was ook een tichelarij (steenbakkerij) verbonden. Aan het eind van de 15e eeuw liet de abt Wolter, een Drent van oorsprong, een kapel bouwen in de uithof. De kloosterkroniek vermeldt dat de plek toen 'Paradijs' genoemd werd. Rond 1545 liet abt Godefridus de uithof verbouwen tot een slot met koepeltoren en keldergewelven.

In 1594 werd in het gewest Groningen de Hervorming doorgevoerd. Hierdoor werden de goederen van het Aduarder klooster, waaronder Terheijl, eigendom van de Staten van Groningen. In 1626 werd dit landgoed eigendom van Caspar van Ewsum, heer van Nienoord en drost van Drenthe. In 1632 werd Terheijl een havezate. Ewsums kleindochter huwde in 1657 Rudolf Wilhelm von Inn- und Kniphausen uit Oost-Friesland. Deze familie verwierf Nienoord en Terheijl.

In 1783 werden de bezittingen gesplitst; Terheijl kwam in handen van Arent Baron van Sloet, die in 1786 al overleed. Zijn weduwe hertrouwde in 1789 met Willem de Lille. Deze brak het familiebezit Toutenburg bij Vollenhove (Ov.) af en bouwde met het afbraakmateriaal Nieuw-Toutenburg. Tussen dit nieuwe pand en het door hem verbouwde en verfraaide huis Terheijl (1790), dat voordien in verval was geraakt, legde hij een kaarsrechte laan met bomen aan, de tegenwoordige Toutenburgsingel.

Na de dood van De Lille in 1810 ging de havezate naar baron Borchard Fr. W. van Westerholt tot Hackfort, die getrouwd was met De Lilles stiefdochter Catharina Chr. C. Sloet tot Tweenijenhuizen. Na het overlijden van baron Van Westerholt in1852 werd de havezate Terheijl gesloopt; de gronden gingen over in particuliere handen. De Nietapster houthandelaar Alje Bonthuis stichtte op de plaats van de voormalige havezate een boerderij, die hij de naam 'Huize Terheijl' gaf. Het boerderijgedeelte brandde in 1969 af en werd niet herbouwd.

Aaltje Alberts Mulder was de dochter van Albert Jans Mulder en Hendrikje Jans, getrouwd in Norg op 21-04-1805. Zij verhuisden naar Langelo, waar zij van 1807 - 1811 als hoofdbewoners van H-20 worden vermeld (zie kaartje hieronder) Zij kregen in Langelo drie kinderen:

Albert Jans bezat in 1807 twee hoornbeesten, 8 schapen, 1 morgen bouwland en ruim 1 morgen weideland. Hij was met 2 spint gewaardeeld in de marke van Langelo en betaalde jaarlijks 28 gulden huur aan de eigenaren van H-20: Jan en Otte Geerts en de erven Roelf Geerts (de zoons en kleinkinderen van Geert Roelfs en Geesje Jans (zie H-13).

In april 1812 woonde Albert Jans in H-19; in 1816 in H-9.

Langelo

 

Gegevens over Aaltje Alberts Mulder zijn afkomstig van de genealogische site van Ab Hummel 
(http://home.planet.nl/~hummel/inwoners.html)    

Kantoor Assen, memorie van successie, 11 oktober 1867, inventarisnr. 89, opnamenr. 468, memorienr. 3/995
Overledene: Harm van der Kaap, overleden te Borger op 26-08-1867. Er is onroerend goed aanwezig.