Artikelen      Histoforum      Lesmateriaal      Community      Vaklokaal 

Tijdvak 2 Tijd van Grieken en Romeinen (800- 500 n. Chr.)

Kenmerkende aspecten:

  • de ontwikkeling van wetenschappelijk denken en het denken over burgerschap en
    politiek in de Griekse stadstaat;

  • de klassieke vormentaal van de Grieks-Romeinse cultuur

  • de groei van het Romeinse imperium waardoor de Grieks-Romeinse cultuur zich in Europa verspreidde

  • de confrontatie tussen de Grieks-Romeinse cultuur en de Germaanse cultuur van Noordwest-Europa

  • de ontwikkeling van het jodendom en het christendom als de eerste
    monotheïstische godsdiensten

Albert van der Kaap, Enschede, albert@vanderkaap.org      

De klassieke oudheid

Om welke enduring understanding gaat het in dit tijdvak?

Het klassieke Griekenland (Hellas) vormt de bakermat van onze westerse beschaving. Dit geldt met name voor de klassieke filosofie en de klassieke kunst. De Grieken waren de eersten die vragen stelden bij de mythische verklaring van ontstaan en werking van allerlei natuurverschijnselen. Ook introduceerden zij een tot dan toe onbekende bestuursvorm, de democratie.
Daarnaast is de invloed van de Griekse kunst (literatuur, toneel en beeldende kunst) op de westerse samenleving geweldig groot.
De Romeinen hebben, door het veroveren van het grootste deel van Europa, er voor gezorgd dat de kunst van de Grieken en wat zij er zelf aan toegevoegd hebben (met name bouwkunst), zich verspreidde over Europa en er zijn stempel opdrukte.
In deze periode ontstondt een tweetal godsdiensten die sterk verschilden van voorafgaande godsdiensten, het jodendom en het christendom. De verschillen tussen jdendom en christendom hebben na de dood van Jezus een grote invloed gehad op de geschiedenis van Europa.

Kenmerkende aspecten en leerdoelen

  • De groene kenmerkende aspecten en leerdoelen hebben betrekking op het basisonderwijs

  • De blauwe kenmerkende aspecten en leerdoelenhebben betrekking op de onderbouw van het voortgezet onderwijs

  • De rode kenmerkende aspecten en leerdoelen hebben betrekking op de tweede fase

Essential Questions

  • Is de democratie de beste regeringsvorm?

  • Hoe actueel is de klassieke vormentaal van Grieken en Romeinen?

  • Zijn polytheïsme en monotheïsme echt zo verschillend van elkaar?

Basisconcepten

In de meeste tijdvakken kun je voor de vijf basisconcepten (macht, oorlog, godsdienst, kunst en levensonderhoud) telkens dezelfde vragen stellen.

macht oorlog godsdienst kunst levensonderhoud
tijdvak 2 Atheners en Spartanen          
  Wetenschappelijk denken          
  Kunst           
  Godsdienst          
  Oorlog          

Wat komt aan de orde

Grieken

Om inzicht te krijgen in continuïteit en verandering en oorzaak en gevolg zijn de volgende vragen belangrijk:

  • In hoeverre lagen de machtsverhoudingen in Athene anders dan in de eerste stedelijke gemeenschappen?

  • wat was de basis voor macht bij de Grieken?

  • verschilden de oorzaken van oorlogen in de Griekse wereld van eerdere oorlogen?

  • in hoeverre verschilden de godsdienstige opvattingen van de Grieken van de godsdienstige opvattingen van mensen in de eerste stedelijke gemeenschappen?

Romeinen

Om inzicht te krijgen in continuïteit en verandering is de volgende vraag belangrijk:

  • verschilden de motieven van de Romeinen om oorlogen te voeren met de motieven van eerdere volken?

Joden en Christenen

Om inzicht te krijgen in continuïteit en verandering de volgende vragen belangrijk:

  • In hoeverre verschilde de godsdienst van Joden en Christenen van eerdere godsdiensten?

  • In hoeverre verschilde godsdienst van de Christenen van de godsdienst van de Joden?

Kaarten

Klik voor een prachtige powerpoint over de groei van het Romeinse Rijk op de kaart.

Lesmateriaal

Basis

Extra

Powerpoint

Filmpjes

Hulpmiddelen

 

 

 

 

 

 

 

 Contexten

  • Hellas (Griekenland)

  • Romeinse Rijk

  • Samenleving van boeren en stedelingen 

 Leerdoelen

  • Je kent de belangrijkste verschillen en overeenkomsten tussen de godsdienst van de Grieken en Romeinen enerzijds en die van de Joden en Christenen.

  • je kent de belangrijkste verschillen en overeenkomsten tussen de godsdienst van de Joden en Christenen.

  • je kunt uitleggen dat er bij de Grieken naast een mythische verklaring een meer rationele verklaring voor allerlei verschijnselen kwam

  • je kent de belangrijkste verschillen tussen een aristocratie en een democratie.

  • je kunt uitleggen wat de belangrijkste factoren waren voor de groei van het Romeinse Rijk

  • je kunt een vergelijking maken tussen het feitelijke verhaal van het ontstaan van Rome en het mythische verhaal

 Inhoudelijke (unieke) begrippen

  • Olympus

  • Olympische Spelen

  • Sparta

  • Athene

  • Peloponnesische Oorlog

  • Parthenon

  • Delphi

  • Rome

  • Romeinse Rijk

  • romanisering

  • Caesar

  • Augustus

 Inhoudelijke (generieke) begrippen

 Meta-concepten (second-order concepten)

Continuïteit/verandering

  • welke veranderingen traden op in het wereldbeeld van de Grieken?

Oorzaak/gevolg

  • wat was of wat waren de oorzaken van de Perzische en Peloponnesische oorlogen?

Bewijs (bronnen)

  • wat zijn de belangrijkste materiële bronnen voor de geschiedenis van Grieken en Romeinen?

  • hoe betrouwbaar is 'De Bello Gallico' voor een goed beeld van Caesars oorlogen?

Tijd en plaats 

Copyright:  Albert van der Kaap, 2010